Surah ke-50 · 45 ayat

QAAF — Ayat 18

18

مَا يَلْفِظُ مِن قَوْلٍ إِلَّا لَدَيْهِ رَقِيبٌ عَتِيدٌ

Uit hij niet een woord, of er is een bespieder bij hem, gereed om het op te schrijven.

Tafsir Ibnu Katsir