Surah ke-23 · 118 ayat
AL MU'MINUUN (ORANG-ORANG YANG BERIMAN) — Ayat 117
117
وَمَن يَدْعُ مَعَ اللَّهِ إِلَهًا آخَرَ لَا بُرْهَانَ لَهُ بِهِ فَإِنَّمَا حِسَابُهُ عِندَ رَبِّهِ إِنَّهُ لَا يُفْلِحُ الْكَافِرُونَ
Wie naast den waren God een anderen God zal aanroepen, omtrent welken hij geen duidelijk bewijs heeft, zal zekerlijk voor zijn Heer daarvan rekenschap moeten afleggen. Waarlijk, de ongeloovigen zullen geen voorspoed genieten.
Tafsir
En wie naast Allah een andere god aanroept waarvoor hij geen bewijs heeft, een beschrijvende eigenschap zonder betekenis, dan zal hij alleen bij zijn Heer terechtstaan. Voorwaar, de ongelovigen zullen niet slagen, zij zullen niet gelukkig zijn.