Surah ke-21 · 112 ayat

AL ANBIYAA' (NABI-NABI) — Ayat 59

59

قَالُوا مَن فَعَلَ هَذَا بِآلِهَتِنَا إِنَّهُ لَمِنَ الظَّالِمِينَ

En toen zij teruggekeerd waren en de veroorzaakte verwoesting zagen, zeiden zij: Wie heeft dit aan onze goden bedreven? Hij is zekerlijk een goddeloos persoon.

Tafsir Ibnu Katsir